[rev_slider_vc alias=”fit”]

EC – Methode

Voor iedereen is het mogelijk om de conditie op de te bouwen, zowel leeftijd als lichamelijke problemen hoeven geen belemmering te zijn. Het geheim van het opbouwen van een goede conditie is te weten op welk niveau je moet trainen.

De meeste duursporters weten tegenwoordig hun niveau maar de beginnende sporter weet dat niet en voor hem is het juist zo belangrijk!
Over het algemeen denkt men dat als je maar flink zweet, hijgt en spierpijn hebt de volgende dag, dat het dan goed is geweest.

De volgende punten zijn van belang om te weten:

Capaciteit in de sport hangt af van de maximale zuurstofopname, voor een deel is dit trainbaar maar voor het grootste deel erfelijk bepaald. Door een maximale belastingproef te ondergaan op een fiets of een loopband, kun je de maximale zuurstofopname te weten komen.

Nog belangrijker is de zuurstofopname per kilogram lichaamsgewicht. Een marathonloper heeft bijvoorbeeld 60 ml per kg. Daarmee kan hij theoretisch de marathon in 3.20 uur lopen, maar komt deze loper 20 kilo aan, dan kan hij de marathon nog maar net binnen de 5.00 uur lopen.

De verbranding van vet en glucose met zuurstof is zeer belangrijk voor een duursporter. Bij een lage inspanning zal men voornamelijk vetten verbranden. Naarmate de inspanning hoger wordt, zal men meer glucose gaan verbranden tot het moment komt dat ook dat niet meer toereikend is en men gebruik moet maken van een ongunstige verbrandingsvorm zonder zuurstof en met afvalproducten (melkzuur). Eenmaal gebruik makend van deze verbranding houdt men de belasting niet lang meer vol.

Het verbeteren van de conditie gaat het beste door te trainen op het niveau van de glucose verbranding. Door deze voorraad steeds uit te putten zal het lichaam iedere keer weer een net iets grotere voorraad opbouwen en op deze manier de conditie aanmerkelijk verbeteren.

De vetverbranding heeft genoeg voorraad voor wel 3 marathons alleen zeer langzaam de glucose verbranding is maximaal 2 uur en bij ongetrainde is het 1 uur maar wel op een behoorlijk snelheidsniveau. De controle op verbetering kan het beste geschieden door het bijhouden van de rustpols, bij daling gaat het goed bij stijging is het tijd voor een rustdag . Of je merkt dat je bij dezelfde hartslag harder loopt, fietst etc.

Het beroemde omslagpunt ligt op de overgang naar de verbranding zonder zuurstof. Een duursporter zal meestal net onder het omslagpunt willen trainen, al dan niet gebruikt makend van een hartslagmeter.
Er is alleen een probleem je kunt niet ongestraft iedere dag op dit niveau trainen. Maximaal eenmaal in 48 uur. Dit komt omdat de glucose voorraad 48 uur nodig heeft om zich op te bouwen en als er te vroeg wordt uitgeput, dan kan de maximale opbouw niet plaatsvinden. De conditieopbouw kan hierdoor zelfs stagneren of negatief worden.

Net zo goed als je niet te veel moet trainen, is het ook beter om niet te weinig te trainen. Vaak zeggen je cliënten tegen je als ze net beginnen met sporten, laten we maar proberen met één keer per week en dan gaan we later wel vaker in de week trainen. Eén keer trainen in de week is niet genoeg om je gezondheid echt te bevorderen. Na 4 dagen is het effect van die ene training weer verdwenen. Je put het lichaam eerst uit vervolgens compenseert het lichaam daarop, zodat het in 48 uur net even wat beter is als de keer daarvoor, maar na 4 dagen is dat effect weer verdwenen fig. 4. Een keer trainen in de week is altijd beter dan helemaal niets natuurlijk.

fig.4 éénmaal in de week geeft niet genoeg effect

Fit for Grazy Goals Beate Thiele Stans van der Poel

Het meten van het omslagpunt en de conditie op basis van ademfrequentie en ademteug.

De EC apparatuur werkt met een sensor die het uitzetten van de borstkas kan meten. Deze sensor is aangesloten op een elastische band, die meebeweegt met de uitzetting van de borstkas. Deze uitzetting en inkrimping kunnen makkelijk geregistreerd worden met een sensor en van daaruit wordt de ademfrequentie geteld, omdat dat de in- en uitzetting van de borstkas veroorzaakt.

Gaat men nu dieper zuchten dan worden de signalen groter, zodat je daaruit kunt aflezen dat de ademteug ook verandert. De verandering van de ademteug kan men aflezen uit het groter worden van de CE of de Chest Expansion.

De hartslag wordt ook geregistreerd door de verandering van elektrisch potentiaal net voordat de hartslag plaatsvindt, deze verandering van potentiaal is over de huid eenvoudig meetbaar. Op deze manier kunnen we de slagen per min. van het hart tellen en weergeven in het meetscherm.

Bovenstaande wordt concreet gemaakt in de registratie van de volgende gegevens:

Breathsignal heeft dezelfde vorm als het adempatroon gemeten met masker, maar is de drukverandering veroorzaakt door het uitzetten en inkrimpen van de thorax. Dit fenomeen geeft een hele mooie golf waar de pieken en dalen van afgeleid kunnen worden. Bij de eenvoudige EC-systemen wordt het breathsignal afgeleid uit de hartslagtijden. Het golfpatroon van de hartslagtijden is het spiegelbeeld van het breathsignal

Power is het vermogen dat iemand levert op een fiets of een ander apparaat. Uit het vermogen van de fiets kan heel betrouwbaar de zuurstofopname berekend worden. Sterker nog, de machines die echt O2- opname meten worden in eerste instantie gecontroleerd met deze berekening op hun betrouwbaarheid.

HRT is de tijd die het duurt voordat de volgende hartslag weer komt. De tijden tussen de opeenvolgende hartslagen worden in een reeks neergezet. Bij een hartslag van 70 slagen per minuut geeft die 853 milliseconde. Als je genoeg hartslag tijden hebt gererigistreerd kan de hartslag variabiliteit berekend worden (=HRV).

CE is de Chest Expansion of de verandering van de thorax omvang door de ademhaling. Hoe zwaarder de arbeid, des dieper moet iemand zuchten, des te groter de golf van boven naar beneden. De eenvoudige systemen hebben geen Chest Expansion.
HF is de hartfrequentie, hartslag per minuut.
BF is de ademfrequentie, eigenlijk ademteug frequentie, de golf van het breathsignal eenmaal naar boven en eenmaal naar beneden. Wat simultaan loopt met éénmaal in en éénmaal uitademen( in en uit is 1 ademteug)
TI/TE is de tijd die het duurt om in te ademen gedeeld door de tijd om uitademen. De uitademing in rust en bij lichte belasting duurt altijd langer dan de inademing.

 

bron: Stans van der Poel. 
http://www.stansvanderpoel.nl/